Citaten uit het boek Wetenschap als nieuwe religie

Een waardevol boek van Ronald Meester over de grenzen van de wetenschap, met als ondertitel: Hoe corona de spirituele armoede in de samenleving blootlegde. Titel en ondertitel verwoorden treffend wat de dominante windrichting is in onze samenleving.

Ronald Meester schrijft in de inleiding dat religieus zijn meer te maken heeft met ‘faith’, ergens op vertrouwen, dan met ‘belief’, iets geloven. Dit gaat voor mij in de richting van de gnostiek, maar Ronald lijkt niet bekend met deze stroming in het christendom. Hij schrijft op pagina 67: “Of het christendom de moderne tijd zal overleven hangt af van haar vertegenwoordigers.” In de gnostiek inspireert men elkaar, er is geen sprake van vertegenwoordigers.

Wetenschap en christendom hebben beide geleid tot grote organisaties. Gnostiek richt zich op onze binnenwereld, om de waarde te ontdekken van onze eigen liefdevolle richtingaanwijzer. Daarmee zoeken we de sturing niet buiten onszelf, bij bijvoorbeeld de wetenschap of het christendom, maar in onszelf. Mensen die mij hierin hebben geïnspireerd, zijn Christina von Dreien en Bram Moerland ( citaten).

Maar voor nu, veel leesplezier met de citaten uit het boek van Ronald Meester!

Inleiding.

P8. Men zegt dat je in tijden van nood je vrienden leert kennen … Onverwachte omstandigheden leiden tot onverwacht gedrag, niet alleen van individuen maar ook van instituties en organisaties.

P9. Veel mensen denken dat de wetenschap waardenvrij is, en wellicht ook dat het beoefenen ervan automatisch tot een betere wereld leidt. Maar wetenschap vertelt ons niet wat ‘beter’ is, omdat ‘beter’ een waardeoordeel is. En daar gaat de wetenschap niet over. Onze reactie op de coronacrisis heeft iets blootgelegd. Het heeft ons schier onbegrensde vertrouwen in een technische en wetenschappelijke benadering van de wereld helder voor het voetlicht gebracht, zonder dat er kennelijk veel nagedacht werd over wat die wetenschap ons nu precies wel of niet te vertellen heeft. Onze reactie heeft, denk ik, verder vooral duidelijk gemaakt dat we geen gezamenlijk, collectief, overstijgend ‘verhaal’ meer hebben over wat we belangrijk, waardevol en zelfs cruciaal vinden.

P10. Wetenschappers zijn mensen met meningen, en het is een koud kunstje om wetenschap in te zetten als rechtvaardiging voor bijna welke mening dan ook. … aan elke politieke overtuiging is wel een wetenschappelijke draai te geven.

P11. Wetenschap … geeft de samenleving helemaal geen houvast waar het gaat om vragen als: Wat is een goed leven? Is zo veilig mogelijk leven het doel van het leven? In hoeverre moeten we accepteren dat leven ook angst met zich meebrengt? Welk ethisch houvast willen we accepteren? Welke vrijheden zijn ons zo dierbaar dat we die alleen in echt uiterste nood tijdelijk zouden willen opgeven? … Wat voor maatschappij willen we eigenlijk?

P12. Beelden uit bijvoorbeeld het Italiaanse Bergamo … vonden onmiddellijk hun weg naar ons collectieve geheugen en hebben de publieke opinie in Nederland misschien wel beslissend beïnvloed.

P13. Hoe zou je in hemelsnaam kunnen uitzoeken, voorspellen, berekenen of meten of een sportverbod na 17 uur ook maar het geringste effect zou hebben?

P16. Wetenschap is namelijk het enige waar de samenleving als collectief nog in zou kúnnen geloven. We hebben als collectief, als samenleving, gewoon niets anders meer. Wetenschap is misschien wel een religie geworden. … Het oppervlakkige frame waarin wetenschap objectieve waarheid aantoont, en religie alleen maar op basis van geloof te duiden is, slaat de plank hopeloos mis. [In het Engels zijn er] de woorden ‘faith’ en ‘belief’ [vaak beide vertaald met ‘geloof’.] Faith kun je echter beter vertalen met ‘vertrouwen’, en dat is waar het in religie denk ik vooral om draait.

P17. … we zullen met elkaar op zoek moeten gaan naar misschien wel een nieuwe metafysica, een nieuw overstijgend verhaal waarin moderne wetenschap, religie, filosofie, ethiek, recht en levensbeschouwing allemaal een rol spelen. We moeten nadenken hoe we al onze kennis en techniek op een verstandige, maar vooral wijze manier kunnen inzetten. De afwezigheid van zowel wijsheid als een overstijgend verhaal heeft in de crisis grote gevolgen gehad, zo zal ik betogen. … wat vage begrip ‘levensbeschouwing’. Ik bedoel daarmee de manier waarop wij het leven duiden, interpreteren en zin geven. … Het feit dat we als samenleving eigenlijk alleen nog maar in wetenschap lijken te geloven heeft mijns inziens echter aan de andere kant toch ook wel degelijk iets te maken met enkele specifieke karakteristieken van het christendom, en ik meen dan ook dat sommige problemen die wij als westerse samenleving ondervinden niet zichtbaar zijn in landen met een andere religieuze traditie. Het ‘probleem’ van het christendom is namelijk dat het historische claims maakt die intellectueel voor veel mensen tegenwoordig volkomen ongeloofwaardig en onmogelijk aan te nemen zijn. Deze claims, zoals de opstanding van Jezus uit de dood …, zijn voor veel moderne mensen dermate ongeloofwaardig dat ze het hele christendom niet langer serieus nemen.

P18. Zelf denk ik dat de kern van het christendom, heel eenvoudig, ligt in dat war Jezus van Nazareth heeft gezegd en gedaan tijdens zijn leven. Het gaat om zijn spiritualiteit … [S]pirituele armoede[:] … het onvermogen van onze samenleving om de extreme gebeurtenissen van de afgelopen jaren collectief te duiden, te interpreteren, en een plaats te geven.

P20. … het risico om in het wappie-kamp terecht te komen … De zo bejubelde wetenschappelijke vrijheid stelt misschien toch minder voor dan veel mensen denken. Dat is in zichzelf al een zeer zorgwekkende situatie.

P21. Ik meen dat de kerken in Nederland het flink hebben laten afweten in de crisis [zie hoofdstuk 5] … Uiteindelijk waren de platheid van het debat, de afwezigheid van nuance, en de grote polarisatie in de samenleving voor mij de reden om dit boek te schrijven.

P22. Ik denk ook dat we als we als samenleving een bepaalde ‘heling’ nodig hebben, want de crisis heeft diepe wonden geslagen. Elke heling vraagt transparantie: wat is er gebeurd?

H1. Een wetenschappelijke wereld

P27. Wij mensen hebben nu eenmaal verhalen nodig. Verhalen over wie we zijn, waar we vandaan komen, over hoe we zouden moeten leven en over hoe we ons tot anderen zouden moeten of kunnen verhouden. Van oudsher voorzag religieus geloof in die behoefte aan verhalen, mythes en allegorieën, en in mijn visie is deze rijkdom aan verhalen de werkelijke kern van elke religie. [28] Maar nu is deze bron van al die verhalen verdwenen. We begrijpen ze niet meer, ze lijken hopeloos verouderd en ze lijken op geen enkele manier te relateren aan de problemen van vandaag. Het gevolg is dat we veel meer moeite hebben om überhaupt na te denken over zingevingsvraagstukken. … Kennelijk heeft de hunkering naar ratio, wetenschap, techniek en kennis, en het afscheid van onze religiositeit, ons niet gelukkiger gemaakt.

P29. De grondlegger van het westerse christendom, Augustinus, beweerde al in de vierde eeuw na Christus dat de Bijbel niet letterlijk gelezen dient te worden.

P30. Wetenschap wordt beter naarmate eenvoudige principes meer dingen kunnen verklaren, wanneer ze op het oog verschillende zaken kan unificeren, en wanneer er betere voorspellingen mee kunnen worden gedaan. … Je hebt mythes die dichter tegen de menselijke ervaring liggen dan andere, en dat maakt vaak dat zo’n ‘goede’ mythe zo indrukwekkend is. … Mythes zijn van alle tijden, omdat ze gaan over het wezen van de mens, en dat wezen is in zekere zin onveranderlijk.

P31. Een zelfbewuste religie weet dat ze zich met betekenis en zingeving bezig moet houden, en weet ook dat wetenschap daarover helemaal niets te zeggen heeft. … Wetenschap probeert met haar eigen beperkte middelen een verklaring te vinden voor bepaalde verschijnselen, waarbij het begrip ‘verklaring’ niet zo eenvoudig te duiden is.

P32. Voor het goed bedrijven van wetenschap is een visie nodig over de positie van die wetenschap in de samenleving. Elke wetenschapper zou moeten nadenken over de interpretatie van zijn of haar wetenschappelijke bijdrages. Hoe moeten we de kennis die de wetenschap oplevert duiden? Heeft wetenschap de waarheid in pacht? … Als je ‘religie’ even oprekt tot ‘levensbeschouwing’, dan wordt onmiddellijk duidelijk dat je überhaupt geen wetenschap kunt bedrijven zonder zo’n levensbeschouwelijke positie. … Wat jij van wetenschap vindt, en welke autoriteit je eraan toekent, gaat aan die wetenschap vooráf; het is een metafysische positie waarover wetenschap zelf niets heeft te vertellen. Het is dus ook niet zo dat wetenschap en geloof zich los van elkaar bewegen. … Als je bijvoorbeeld beweert dat wetenschap de enige bron van kennis is, dan is dat helemaal geen wetenschappelijke uitspraak, maar een levensbeschouwelijke. … [Een gelovige en een ongelovige wetenschapper] verschillen fundamenteel van mening over hoe je die wetenschappelijke bevindingen daarna zou moeten interpreteren.

P33. Levensbeschouwing gaat aan wetenschap vooraf, en het is precies om die reden dat we zeer, zeer voorzichtig moeten zijn wanneer wetenschappers ons vertellen wat we moeten doen en waarom. … David Hume, de vader van de moderne natuurwetenschap, verwoordde zijn positie ten aanzien van wetenschap en religie ongeveer als volgt (ik parafraseer): ‘Bevat het boek abstracte redeneringen over getallen? Nee? Bevat het experimentele analyses of redenaties over feiten? Nee? Gooi het boek dan maar in het vuur.’ [Iemand] merkte over deze opmerking droog op dat Humes betoog zelf geen abstracte redeneringen of experimentele analyses bevatte. Hij legt hiermee de vinger precies op de zere plek: Humes positie is metafysisch.

P34. Als de wetenschap aanleiding zou zijn om geen vertrouwen meer in geloof te hebben, dan was dat in [Bonhoeffers] ogen reden om anders naar de bijbel te gaan kijken, niet om het geloof vaarwel te zeggen. … Een feit is tegenwoordig pas een feit wanneer het zogenaamd wetenschappelijk aangetoond is, maar wat dat laatste nu precies betekent is niet helemaal duidelijk.

P35. Omdat spiritualiteit, religiositeit en levensbeschouwing niet meer toegankelijk zijn in het publieke domein, is er alleen nog maar de wetenschap, het enige waar we nog in zouden kúnnen geloven.

P37. Als álles wetenschappelijk aangetoond moet worden is wijsheid ver te zoeken … De meeste mensen denken dat je met behulp van statistische data objectieve en correcte conclusies kunt trekken. Op die overtuiging is heel wat af te dingen, omdat het niet mogelijk is om subjectiviteit bij een statistische analyse helemaal uit te schakelen.

P38. Statistisch bewijs mag dan op een bepaalde manier objectief zijn, overtuiging is dat niet. En eigenlijk is statistisch bewijs bij nader inzien ook helemaal niet objectief, want er is altijd de keuze over welke getallen je wel en niet wilt laten zien. … Wetenschap is niets meer of minder dan een krachtig stuk gereedschap dat mensen hebben uitgevonden om met een wereld die ze ten diepste niet kunnen begrijpen, toch om te kunnen gaan. … Doel van wetenschappelijk onderzoek is om te begrijpen, te verklaren en te voorspellen. Dat klinkt bijna evident, maar wat begrijpen of verklaren precies is, dat is nog niet zo makkelijk vast te stellen.

P39. Het wetenschappelijk atheïsme is dominant geworden in onze samenleving, en dat hebben we geweten. Het is een type atheïsme dat bestaat bij de gratie van het afwijzen van religie als historische verklaring.

P41. Wetenschappers in de media hebben helaas vaak de neiging om hun persoonlijke mening als wetenschap te verkopen. … En het is misschien nog veel moeilijker om de grenzen van je vakgebied te erkennen, en volmondig toe te geven dat wetenschap voor sommige vragen niet het juiste adres is [42] omdat het misschien om een niet-wetenschappelijke vraag gaat, of omdat de modellen die je gebruikt simpelweg niet realistisch genoeg zijn om überhaupt conclusies aan te verbinden.

H2. Wetenschap als nieuwe religie

P44. Echter, ik zie religie breder dan dat: religie is het omgaan met een wereld die we niet kunnen begrijpen, aan de hand van verhalen, mythes en metaforen. Religies helpen om betekenis te geven aan de wereld, in taal en beeld. … Mensen moeten wel op de een of andere manier betekenis geven aan het leven.

P45. Wat critici van religie ook vaak niet zien is dat de wetenschap net als religie een verhaal vertelt.

P48. De wetenschappelijke methode, die op het eerste gezicht objectief en rationeel klinkt, is bij nader inzien vatbaar voor manipulatie, verkeerd gebruik, en kan zeker niet objectief toegepast worden.

P49. Het gevolg van dit alles is dat wetenschappelijk onderzoek zichzelf vaak tegenspreekt. … jezelf aan die wetenschap uitleveren [is] erg onverstandig

P51. Overigens, het verschil tussen de geloofsbeleving van individuen aan de ene kant, en de officiële instanties aan de andere, is een verschil dat we ook terugzien in het wetenschappelijke discours. Eigenlijk spreek ik ook liever met individuele wetenschappers dan over de wetenschap als entiteit.

P53. Ik zie uiteindelijk weinig redenen om het verlichtingsgeloof – dat de wereld rationeel en wetenschappelijk te [54] begrijpen is – anders te beoordelen dan het oeroude religieuze geloof in een God waartoe we ons als mensen moeten verhouden. In beide zaken gaat het niet over zaken waarover empirisch bewijs voorhanden is.

P57. Wij als seculiere samenleving veroordelen Abraham, omdat hij bereid is te offeren wat hem het meest dierbaar is: zijn zoon. … Maar we zijn blind voor het feit dat we zonder enige reflectie wel bereid zijn ons sociale leven en ons samenzijn te offeren.

P59/60. Zelf zie ik het christendom als niet anders dan één specifieke manier om met spiritualiteit om te gaan, en zou ik liever geen waarheids- of exclusiviteitsclaim zien. Menselijke spiritualiteit is overal, en het is simpelweg zo dat deze in verschillende culturen zeer verschillende verschijningsvormen heeft gekend. … Altijd wanneer wordt geschermd met een unieke manier om een crisis op te lossen, moet je op je hoede zijn.

P63. Religiositeit gaat over het geven van betekenis, en vaak kan hierover gecommuniceerd worden in termen van mythes, verhalen of gelijkenissen.

P64. Een goede [wetenschappelijke] theorie maakt de wereld op een bepaalde manier begrijpelijker … Maar dat is toch niet genoeg … er [is] meer nodig om een wetenschappelijke theorie acceptabel te maken: ‘Een wetenschappelijke theorie is acceptabel voor een wetenschapper (in een bepaalde context) als deze wetenschapper kwalitatieve consequenties van de theorie kan herkennen zonder dat hij of zij expliciete berekeningen hoeft uit te voeren.’

P67. Wetenschap gedijt bij discussie en maakt progressie in die zin dat nieuwe theorieën een betere verklaring geven dan oude. … Of religies ‘vooruitgang’ boeken vraag ik me af, maar het is wel zo dat ze dynamisch (moeten) zijn om te overleven. … Of het christendom de moderne tijd zal overleven hangt af van haar vertegenwoordigers.

P71. Autoriteit is prima te verdragen als je ervan uit kunt gaan dat er in wijsheid gehandeld wordt. … In een indrukwekkende mythe in de Openbaringen zou het kwaad in een titanenstrijd overwonnen worden, waarna de nieuwe wereld aan kon vangen. De Reformatie verving deze mythe door een andere, namelijk dat het kwaad langzaam maar zeker overwonnen zou worden, niet door een nietsontziend gevecht, maar door een langzaam historisch proces van vooruitgang. … [72] Dat idee bestond in de oudheid niet of nauwelijks.

P73. … de mythe dat de wetenschap ons naar een nieuwe en betere wereld zal leiden.

P74. We denken dat wetenschap ons leven maakbaar heeft gemaakt en schrikken ons een hoedje nu dat niet het geval blijkt te zijn.

P75. De mens wil graag ergens in geloven. Tegelijkertijd is de ratio veel te belangrijk geworden. Als het dan rationeel niet meer lukt om in God te geloven, dan moet je die God eerst belachelijk gaan maken, om vervolgens ergens anders in te gaan geloven. De mens is uiteindelijk ongeneeslijk religieus.

P76. In de bijbel staat ook geschreven dat God ons niet boven onze macht beproeft. Wij moeten de wetenschap ook niet boven haar macht beproeven, want daar doen we de wetenschap en onszelf geen plezier mee.

H3. De interpretatie van getallen

P79. Misschien lijkt een bespreking met cijfers niet zoveel met spiritualiteit te maken te hebben, maar dat is denk ik een misvatting. Ik denk dat ons rationele denken onze metafysica in de weg zit.

P90. Betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van cijfers zijn niet vanzelfsprekend en alleen al daarom dienen cijfers met grote voorzichtigheid bekeken te worden. … De vraag is hoe cijfers onze mening of overtuiging kunnen beïnvloeden of veranderen.

P91. Als ratio en wetenschap de enige betrouwbare manieren worden of zijn om kennis te vergaren, dan betekent dat welhaast automatisch dat de resultaten van wetenschappelijk onderzoek, vaak uitgedrukt in cijfers, van levensbelang zijn. … Wat ik dus wil laten zien is dat er eigenlijk geen objectieve interpretatie mogelijk is van statistische gegevens. … Er zijn veel voorbeelden te geven van onderzoeksdata die zo uitpakken dat bijna iedereen zijn of haar oorspronkelijke mening door juist die data bevestigd ziet

P92. Statistische gegevens dienen geïnterpreteerd te worden en dat kan niet zonder rekenschap af te leggen over hoe de interpretator over de wereld denkt. … ‘Bewijs’ in de wetenschappelijke zin moet je opvatten als een aanwijzing en niet als een definitief bewijs dat iets wel of niet waar is.

P101. Voor statistiek geldt in het bijzonder wat voor wetenschappelijke uitspraken in het algemeen waar is: Ze kunnen alleen met wijsheid geïnterpreteerd worden

P110. De kritiek (o.a. van collega Peter Doshi) is bij vrijwel iedereen onbekend. … Dat is het trieste gevolg van een volledige uitlevering aan getallen, zonder deze met enige wijsheid en kritisch vermogen tegemoet te willen of kunnen treden. Het is de gemakzuchtige houding van een samenleving waarin de oplossing technisch-wetenschappelijk moet zijn, en waarin geen verdere reflectie plaatsvindt over de vraag of deze weg nu eigenlijk wel zo verstandig is.

H4. Wetenschap als schaamlap

P111. Als we wetenschap inzetten om ons beleid richting te geven, dan mogen we bovendien niet vergeten dat het waarderen van resultaten aan de wetenschap voorafgaat.

P112. Wat doe je met wetenschappelijke bevindingen? Hoe interpreteer je ze? Vanwege het fundamenteel pragmatische karakter van de wetenschap is het best moeilijk om vanuit je wetenschappelijke doen en laten kritisch te reflecteren. Er moet altijd iets transcenderen, uitstijgen dus, boven het kader van je bezigheden. Pas dan is er voldoende afstand die voor die reflectie nodig is.

P113. Wetenschap heet waardenvrij te zijn, maar is dat allerminst. In de literatuur is uitvoerig beschreven hoe wetenschappers … vaak ongemerkt bevestiging zoeken voor hun eigen ideeën.

P116. Maar ik wil er wel op wijzen dat wanneer je het prisoner’s dilemma gebruikt om een moreel oordeel te vormen over bepaalde handelingen, dat alleen maar kan vanuit een utilitarianistische ethiek.

P119. [De] toepassing van de speltheorie [bij wel/niet vaccineren] niets anders blijkt te zijn dan een nogal onbeholpen vehikel waarmee je probeert je eigen overtuiging als het ware wit te wassen tot een wetenschappelijke uitspraak.

P128. … dergelijke situaties [het specifieke sociale gedrag van mensen) zijn doorgaans niet zinvol te modelleren, als je tenminste geïnteresseerd bent in het voorspellen van bepaalde uitkomsten.

P141. Wetenschap kan enorm intimiderend zijn, zeker wanneer het vakgebieden betreft waar je zelf minder vertrouwd mee bent.

H5. De kerk in tijden van corona

P149. De metafysische en existentiële discussie die [in de samenleving] gevoerd moet worden is wat de essentie van ons leven is.

P150. De kerken hebben geen patent op levensvragen, maar adresseren die wel.

P151. De belangrijkste reden die kerken naar voren brachten als argument voor de beslissing om de diensten fysiek geen doorgang te laten vinden was, naast de veiligheid van de kerkgangers, dat van solidariteit met de rest van de samenleving.

P151. De kerken hebben niet geprotesteerd toen de overheid het CBT [coronatoegangsbewijs] introduceerde

P152. Je hoeft niet hetzelfde te doen als de ander om toch solidair te zijn … solidariteit is verbondenheid, geen onnadenkende navolging.

P155. De kerk kan niets afdwingen. Ze kan openstaan (letterlijk en figuurlijk) voor iedereen, maar is ook afhankelijk van wat mensen zelf kunnen, willen en durven.

P157. … dat zelfs zeer weldenkende, intelligente en verstandige mensen erg makkelijk ten prooi vallen aan de gedachte dat de wetenschap het voor ons allemaal wel zal oplossen, en weet wat het beste is om te doen.

P158. Naastenliefde heeft in de christelijke traditie te maken met zelfverloochening: het kost je iets. Maar je doet het spontaan en niet omdat het moet.

P159. De wet is er voor mensen, en niet andersom.

P160. Allereerst is het zo dat Jezus’ onvoorwaardelijke gehechtheid aan de wet van Mozes zonneklaar blijkt uit de Bergrede in Matteüs 5 … Als Jezus wordt gevraagd wat de belangrijkste regel in de wet is, zegt hij het volgende: ‘De eerste en belangrijkste regel is deze: De Heer is je God. Je moet van hem houden met je hele hart, met je hele ziel, en met je hele verstand.’ Tot zover geen verrassingen. Maar dan vervolgt hij met een revolutionaire gedachte: ‘Maar de tweede regel is net zo belangrijk: Van de mensen om je heen moet je evenveel houden als van jezelf. Die twee regels zijn de basis van de wet en van de andere heilige boeken.’

P161 … afwijken van de wet als de liefde voor de medemens daar om vraagt … Platte rebellie is makkelijk: gewoon overal tegen zijn. … [Jezus zijn] verhouding tot de wet is ook niet het gevolg van een logische redenering: die categorie schiet hier tekort.

P164. De kerken begrijpen dat de maakbaarheid van de wereld haar grenzen heeft, en dat wij mensen niet ongestraft alles naar onze hand kunnen zetten.

P170. De veiligheid en onverwoestbaarheid die Jezus biedt zijn van een andere orde [dan bijvoorbeeld een veiligheidscertificaat als het CTB]. … ons uitgangspunt, onze basis, [zou bij een pandemie] nooit dat van angst voor de ander moeten zijn. Dat is niet naïef, maar een keuze die het leven mooier en beter maakt.

H6. Ethici, filosofen en de rechterlijke macht

P177. Filosofie hoort helemaal niet te gaan over gelijk of ongelijk hebben. Filosofen moeten juist problematiseren.

P178. Ethiek is de wetenschappelijke of systematische studie van de moraal. … Volgens [wetenschapsfilosoof Gerard] de Vries is de taak van de ethicus: ‘Inzicht geven in gevoelens, het laten zien van de conflicten en tragedies en het getuigenis afleggen van de verscheurdheid die artsen, ouders, verpleegkundigen en vrienden doormaken.’ Ethici moeten volgens De Vries op een redelijke manier proberen uit te drukken welke twijfels mensen hebben, en daar getuigenis van afleggen.

P179. … over een bepaald onderwerp filosoferen [vereist] een behoorlijke inhoudelijke kennis van dat onderwerp.

P184. Volgens … Marli Huijer hoort het ook bij filosofie om waarheid, kennis en overtuigingen aan betrouwbaarheid te laten winnen door tegenspraak te organiseren. … filosoof René ten Bosch zegt over ethici: ‘Hun taak is te verhelderen waarom goed en slecht zo lastig is te bepalen. Ze moeten de paradox toelichten, de aporie: je blijft aarzelen, want aan elke goede keus kleeft iets kwaads en omgekeerd. Ik wil horen dat het een moeilijke afweging is.’

P185. Ad Verbrugge schrijft: ‘De diffuse angst voor deze ziekte is de eigenlijke ziekte waaraan wij lijden. […] In de steeds verder doorgaande automatisering van de bescherming die we daardoor in het leven roepen, wordt ten slotte de levende mens zelf de storende factor in de beheersing van het virus. In de ban van ziekte en dood verliezen we het goede leven uit het oog, en daarmee ook de fundamentele dimensies daarvan: onze relaties, onze lichamelijkheid, de natuur en de zin van ons bestaan (waarin ook ouderdom, ziekte en dood hun eigen plaats hebben). Tot dit goede leven behoort ook een zekere mate van onvoorspelbaarheid en gevaar. […] De technologische wil tot indamming en beheersing van gevaarlijke besmettingen verliest zo zijn maat en ziet niet meer de eenzijdigheid van zijn eigen perspectief. Daarmee is Apollo’s les van maat en evenwicht als voorwaarden voor gezondheid van lichaam en geest nog steeds hoog relevant. Dat is de kunst die we nodig moeten leren.’

P193. Niet alleen hogere waardes worden totaal ondergeschikt gemaakt aan wetenschappelijk denken, ook in onze rechtspraak kan het dus zomaar gebeuren dat een ad-hocteam als het OMT, dat geen enkele verantwoording aan wie dan ook hoeft af te leggen, zo machtig gemaakt wordt. … de rechter heeft binnen de wet nog heel wat vrijheidsgraden. … Een scenario accepteren omdat het ‘niet evident onjuist’ is, is het verwarren van twee dingen: het feit dat er niet direct bewijs tégen is, wil absoluut niet zeggen dat er ook bewijs vóór is.

P194. Het kale feit dat experts het in de rechtszaal grondig met elkaar oneens zijn (en geloof me – dat komt echt heel vaak voor) nuanceert op voorhand de betekenis die de rechter aan hun getuigenis moet toekennen.

P195. … wetenschappelijke kwesties [zouden] helemaal niet op het bordje van de rechters … moeten liggen. … Het past in ieder geval naadloos bij de zorg die in dit boek de rode draad vormt, namelijk dat enerzijds wetenschap als het hoogste goed wordt gezien, maar dat binnen die wetenschap altijd discussie zal blijven bestaan.

H7. En nu?

P197 [In het openbare leven doen we] niet meer aan het transcendente, en de waarneembare werkelijkheid is alles wat wij nog als reëel accepteren. … Nu is het ook zo dat wetenschappers het vaak fundamenteel met elkaar oneens zijn, en je zou met enige overdrijving kunnen zeggen dat alle wetenschappelijke kennis tijdelijk is.

P198. Maar het wordt problematisch als wetenschap als waarheid wordt gepresenteerd. Nog pijnlijker is het wanneer ook de natuurlijke grenzen van wat wetenschap wel en niet vermag niet gerespecteerd worden. … [Wetenschap] is geen instrument om alles begrijpelijk te maken. … [Soms is het moeilijk] om je ratio te overstemmen. … Alles bij elkaar betekent dit dat we nogal voorzichtig moeten zijn wanneer wetenschap gebruikt wordt om zeer omstreden en vrijheidsbeperkende maatregelen in te voeren. … [W]ijsheid [ontbrak …] in de manier waarop [tijdens de coronacrisis] wetenschap werd gepresenteerd en geïnterpreteerd, [dit gold ook voor …] de manier waarop de politiek dacht [de wetenschap] te begrijpen.

P199. We hebben ook gezien dat wetenschap ons niet vertelt hoe we iets moeten waarderen, en dat deze waardering sowieso aan de wetenschap voorafgaat. Deze waardering is in een gezonde samenleving een onderwerp van discussie waarover verschillende meningen naast elkaar kunnen bestaan, en waarover gewone burgers, ethici, filosofen, politici en natuurlijk ook de kerken kunnen meepraten.

P202. Een ander collectief verhaal had weliswaar niet kunnen voorkomen dat mensen aan een besmetting stierven, maar had er wel voor kunnen zorgen dat de crisis zich niet had ontwikkeld tot een maatschappij-ontwrichtende gebeurtenis.

P204. [Visioen:] … [De overheid] benadrukt keer op keer dat we van de wetenschap terecht wel het een en ander mogen verwachten, maar dat het natuurlijk niet reëel is te denken dat deze wetenschap alle problemen wel eventjes op zal lossen. …

P205. [… dit visioen] zou ons een heleboel ellende en polarisatie hebben gescheeld. … Hoe willen we onze medemens tegemoet treden? Doen we dat uit een basishouding van angst, of uit een basishouding van vertrouwen? … Gaan we alles wat het leven de moeite waard maakt opofferen op het altaar van de veiligheid.

P207. Mijn vrijheid eindigt bij de vrijheid van mijn medemens. … ethiek [is] niet de zoektocht naar de uiteindelijk beste moraal, maar een reflectie op wat goed is om te doen.

P212. We zullen zelf moeten nadenken over hoe we met elkaar en met de wereld willen omgaan, en geen slaaf moeten worden van wat wetenschappelijk en technisch mogelijk is.

P214. Waar begint de redelijkheid om de bevolking te beschermen tegen een virus, en waar begint de bescherming zelf een probleem te worden?